Afstellen verlichting

Hoewel motorfietsen niet APK-keuringsplichtig zijn, moet de verlichting wel voldoen aan de wettelijke eisen. Voor de hoogte-instelling van het dimlicht geldt dat de lichtbundel 1% neerwaarts gericht moet zijn.

Het Correct Afstellen van de Koplamp 
van een Motorfiets

Een praktische manier om dit te controleren is als volgt:
Wanneer de motorfiets 10 meter van een muur staat, moet de horizontale kern van de dimlichtbundel zich 5 centimeter onder het midden van het koplamphart bevinden.
(Let op: deze methode geldt specifiek voor motorfietsen; voor andere voertuigen gelden afwijkende rekenmethodes.)

 

Hoogte-instelling van de koplamp

Volg de onderstaande stappen:

  1. Plaats de motorfiets belast (met bestuurder) met het voorwiel tegen de muur.
  2. Markeer op de muur de hoogte van het koplamphart als horizontale lijn.
  3. Trek vervolgens een tweede horizontale lijn, 5 centimeter onder de eerste.
  4. Rijd de motorfiets 10 meter recht achteruit, opnieuw met belasting.
  5. Controleer waar de lichtbundel op de muur valt:
    • Boven de 5-centimeterlijn: koplamp staat te hoog afgesteld.
    • Onder de 5-centimeterlijn: koplamp staat te laag afgesteld.

Stel de hoogte van de koplamp bij totdat de lichtbundel exact op de 5-centimeterlijn valt.

Zijwaartse (horizontale) afstelling

  1. Plaats de motor opnieuw belast tegen de muur.
  2. Markeer op de muur het punt waar de lichtbundel schuin omhoog afbuigt (het ‘knikpunt’) met een verticale lijn.
  3. Rijd de motorfiets weer 10 meter naar achteren, met bestuurder.
  4. Stel de koplamp links of rechts bij totdat het knikpunt van de lichtbundel precies op de verticale lijn valt.