Kastelen route in de Achterhoek
Op de website van Motorrijders.nl kwam ik een route tegen die meteen mijn aandacht trok: “de Kastelenroute door de Achterhoek”. Een mooie motorrit van zo’n 160 kilometer, langs maar liefst tien kastelen en landgoederen. Klinkt goed, toch? Beetje sturen, mooie omgeving, af en toe een kasteel bekijken en ondertussen natuurlijk vooral heel belangrijk doen op de motor.
Kastelen, landgoederen en ander oud zeer
Wie Achterhoek zegt, zegt kastelen. En inderdaad: je struikelt er bijna over de eeuwenoude landgoederen, buitenplaatsen en kastelen. Overal in het landschap staan de voormalige optrekjes van de oud-Gelderse adel.
Sommige kastelen werden ooit gebouwd als stevig verdedigingswerk — voor het geval de buurman ineens met verkeerde bedoelingen voor de deur stond. Andere werden in de 17e en 18e eeuw vooral gebouwd om te laten zien dat je het financieel behoorlijk voor elkaar had. Een soort “kijk eens wat ik heb”-cultuur, maar dan in steen en met een torentje.
Tegenwoordig zijn de meeste kastelen gelukkig wat vrediger. Een aantal kun je bezoeken, terwijl je andere vooral van een afstandje kunt bewonderen. Dat laatste komt ons motorrijders trouwens prima uit: even afremmen, foto maken, knikje naar het kasteel en weer door. We hebben tenslotte een route te rijden.
Het Achterhoekse coulisselandschap is er in ieder geval perfect voor. Slingerende wegen, bossen, weilanden, oude bomenlanen en natuurlijk om de paar kilometer weer zo’n indrukwekkend landgoed.
Kortom: 160 kilometer motorrijden langs tien kastelen.
Cultuur snuiven, historie opsnuiven en ondertussen vooral heel veel benzine verstoken.
Een mens moet tenslotte wel een beetje balans houden.
Op weg naar Lochem
Om te voorkomen dat ik op één dag zo’n 450 kilometer aan mijn motor én achterwerk moest toevertrouwen, had ik besloten er een tweedaagse tocht van te maken. Vanuit Bolsward naar Lochem, uiteraard zoveel mogelijk binnendoor. Geen saaie snelwegkilometers, maar een mooie route met lekker veel kronkelwegen. Want als motorrijder wil je tenslotte niet zo snel mogelijk ergens aankomen, je wilt vooral zo vaak mogelijk van richting veranderen.
Langs de IJssel
Een van de wegen die al een tijdje op mijn verlanglijstje stond, is de dijk langs de IJssel, vanaf Hattem richting Doetinchem. Een prachtige route om lekker te sturen en ondertussen van het landschap te genieten. Het plan lag dus klaar en ik had er zin in.
Maar ja, een goed plan is natuurlijk pas een goed plan als je het onderweg minstens drie keer moet aanpassen.
Rijkswaterstaat route planning
En daar had ik gelukkig hulp bij. Rijkswaterstaat bleek namelijk ook een mening over mijn route te hebben. Door de nodige wegafsluitingen werd mijn zorgvuldig uitgestippelde route al snel meer een soort “zoek het zelf maar uit”-route.
Waar ik linksaf wilde, stond een bord dat ik rechtdoor moest. Waar ik rechtdoor wilde, kon ik er niet door. En waar ik uiteindelijk terechtkwam, had ik op de kaart helemaal niet gepland. Kortom: mijn mooie geplande route veranderde langzaam in een improvisatietocht. Maar ach, dat is misschien ook wel het leuke van motorrijden: je weet waar je begint, je weet ongeveer waar je naartoe wilt en de rest is een verrassing.
Camping “De Kolk” Lochem
Het een en ander had tot gevolg dat ik iets eerder dan gepland aankwam bij minicamping De Kolk. Eenmaal daar bleek het allemaal heerlijk eenvoudig geregeld te zijn. Geen formulieren, geen gegevens invullen en geen ingewikkeld gedoe. Ze hadden alleen contant geld nodig voor de overnachting.
Het weer was uitstekend, dus ik had alle tijd om op mijn gemak mijn kampement op te bouwen. Tentje neerzetten, spullen uitpakken en vervolgens was het tijd voor de belangrijkste activiteit van de dag: met een bak koffie voor de tent zitten en genieten van het feit dat je helemaal niets hoeft.
De Kastelenroute
Na een bijzonder rustige nacht ben ik er al vroeg uit, vrijwel gelijktijdig met de zon. De ochtend begint fris. Mijn kampeerspullen zijn door de dauw en condens kletsnat en hoewel overdag de temperatuur aangenaam oploopt, was het vannacht behoorlijk koud: zo’n 4 °C. Mijn donzen drie-seizoenen-slaapzak heeft me gelukkig net warm genoeg gehouden.
Vandaag staat de Kastelenroute op het programma. Mijn eerste bestemming is Kasteel Ampsen, een statig kasteel en voormalige havezate in de gemeente Lochem, in de provincie Gelderland.
Kasteel Ampsen is een bijzondere plek. Het geldt als het oudste nog bestaande kasteelbouwwerk van Lochem en de huidige kern dateert uit 1650. Het werd gebouwd door Gerrit Jan van Nagell, nadat eerdere burchten tijdens de Tachtigjarige Oorlog waren verwoest. Daarmee is het kasteel niet alleen een indrukwekkend gebouw, maar ook een stille getuige van een roerige periode uit de Nederlandse geschiedenis.
Vol goede moed stap ik op de motor, maar mijn enthousiasme krijgt al snel een flinke knauw. Door verschillende wegafsluitingen blijkt het onmogelijk om het kasteel daadwerkelijk te bereiken. Zelfs met de motor kom ik er niet langs.
Na meerdere pogingen moet ik me erbij neerleggen: Kasteel Ampsen blijft vandaag buiten bereik.
Soms loopt een route nu eenmaal anders dan gepland. Gelukkig is er altijd nog een alternatief: een foto maken van wat wél zichtbaar is en de herinnering bewaren aan een kasteel dat ik deze keer alleen van een afstand heb kunnen bewonderen.
Een klein obstakel aan het begin van de dag, maar de Kastelenroute is nog maar net begonnen. Op naar de volgende bestemming!
Kasteel Vorden
Na mijn mislukte poging om Kasteel Ampsen te bereiken, gaat de tocht verder richting Kasteel Vorden. Dit historische kasteel ligt aan de Horsterkamp in Vorden en heeft een geschiedenis die bijna negen eeuwen teruggaat. Het kasteel wordt al in de 12e eeuw in historische bronnen genoemd en behoort daarmee tot de oudste kastelen in deze omgeving.
Wat Kasteel Vorden bijzonder maakt, is niet alleen de leeftijd, maar vooral de manier waarop het wordt onderhouden en voor bezoekers toegankelijk is gemaakt. Het kasteel is tegenwoordig in handen van Jos Hoenen en zijn partner, die het met veel passie en zorg in stand houden.
Binnen is de authentieke sfeer goed bewaard gebleven. De inrichting geeft je het gevoel dat je even terug stapt in de tijd. Een leuke manier om meer over de geschiedenis van het kasteel te ontdekken is de audiotour, die door de eigenaren zelf is ingesproken. Daardoor krijgt het bezoek een persoonlijk tintje. Bijzonder is bovendien dat je niet alleen de openbare ruimtes kunt bekijken, maar ook een kijkje kunt nemen in delen van de privévertrekken.
Op het landgoed bevindt zich ook restaurant De Bosloods. Een mooie plek om tijdens de kastelentocht even neer te strijken, iets te eten en de sfeer van het landgoed op je in te laten werken.
Na de koude start van vanmorgen begint de dag inmiddels aardig op te warmen. De motor staat weer klaar en er wachten nog meer kastelen op me. Tijd om verder te gaan met de route!
Kasteel Den Bramel
De volgende stop op mijn kastelentocht is Kasteel Den Bramel. Van oorsprong is Den Bramel een buitenplaats die al uit de 14e eeuw dateert. Het huidige huis stamt grotendeels uit de 18e eeuw, al heeft het in de loop der tijd nog verschillende veranderingen en verbouwingen ondergaan.
Bij één van die verbouwingen werd zelfs materiaal gebruikt dat afkomstig was van een voormalige kerk. Een mooi stukje hergebruik uit een tijd waarin men daar waarschijnlijk nog niet de moderne term ‘duurzaamheid’ voor gebruikte.
Ook in de details zijn leuke historische verwijzingen te vinden. Zo staat op de dakruiter het opschrift ‘Soli Deo Gloria 1735’, oftewel ‘Alleen aan God de eer’. Op de top van de windwijzer van het kleine torentje staat bovendien een haan. Het zijn juist dit soort kleine details die een oud gebouw karakter geven en het de moeite waard maken om er even goed naar te kijken.
Het landgoed rond Den Bramel is opengesteld voor publiek, waardoor je heerlijk door de omgeving kunt wandelen en het kasteel vanaf de buitenzijde kunt bewonderen. Het kasteeltje zelf en de directe tuinen zijn privéterrein en blijven voor bezoekers gesloten.
Ook hier dus geen uitgebreid bezoek aan het interieur, maar dat hoort eigenlijk wel een beetje bij deze kastelenroute. Soms is het juist leuk om vanaf de openbare weg en wandelpaden de sfeer van zo’n historisch landgoed op te snuiven.
De route gaat verder. Er liggen nog genoeg kastelen en landgoederen op me te wachten.
Kasteel De Wildenborch
De route voert me verder naar Kasteel De Wildenborch, gelegen aan de Wildenborchseweg, tussen Vorden en Lochem. Het is een plek met een geschiedenis die teruggaat tot de 14e eeuw. De oudste vermelding van de burcht dateert uit 1371 of 1372.
De Wildenborch heeft een behoorlijk roemrucht verleden. Ooit was dit de burcht van de roofridders van het geslacht Van Wisch, die vanuit hier tot ver in de 16e eeuw hun activiteiten ontplooiden. Bij het horen van de term ‘roofridders’ krijg je toch meteen een heel ander beeld van zo’n rustig Gelders landgoed!
Later kwam De Wildenborch in handen van de familie Staring. Een bekende telg uit deze familie was de dichter A.C.W. Staring, die een belangrijke rol speelde bij de verdere ontwikkeling van het landgoed. Onder zijn invloed werd het omliggende landschap in Engelse landschapsstijl aangelegd. De combinatie van het historische kasteel en het park zorgt daardoor voor een bijzondere sfeer.
Het kasteel zelf wordt tegenwoordig privé bewoond en is niet zomaar toegankelijk. Gelukkig geldt dat niet voor het park. Het landgoed wordt beheerd door de Stichting De Wildenborch en het park is vrij toegankelijk voor wandelaars.
Voor mij betekent dat dat ik het kasteel deze keer niet kan bekijken, maar een wandeling door het historische park is natuurlijk een prima alternatief. Maar niet aan mij besteed.
Vanaf de voormalige burcht van de roofridders gaat de tocht weer verder. De Wildenborch laat in ieder geval zien dat achter de rustige, groene omgeving van de Achterhoek een verrassend roerige geschiedenis schuilgaat.
Kasteel Hackfort
De volgende stop is Kasteel Hackfort, een imposant kasteel waarvan de oorsprong teruggaat tot de 13e eeuw. Het begon als een versterkte woontoren en kende door de eeuwen heen een roerige geschiedenis. Zo werd het kasteel in 1586 door Spaanse troepen verwoest en in 1600 weer herbouwd.
Een bekende bewoner was Berent van Hackfort (1475-1557), die in dienst trad van de hertog van Gelre en uitgroeide tot diens bevelhebber en plaatsvervanger. Zijn graf is nog te vinden in de kerk van Vorden.
In 1788 werd Hackfort ingrijpend verbouwd tot een 18e-eeuws landhuis. Alleen de twee torens herinneren nog aan het oorspronkelijke kasteel.
Sinds 1981 is het landgoed eigendom van Natuurmonumenten. Het kasteel, koetshuis, de watermolen en het fraaie landgoed zijn toegankelijk voor publiek.
Een mooie plek om even rond te kijken en de geschiedenis van deze bijzondere locatie op je in te laten werken. Daarna weer op de motor, want de Kastelenroute gaat verder!
Kasteel Keppel
Na de vorige kastelen gaat de motorroute verder richting Laag-Keppel, waar Kasteel Keppel ligt. Het kasteel heeft een bijzondere ligging: het staat op een eiland tussen twee takken van de Oude IJssel. Vanaf de weg is het al een mooie verschijning.
De geschiedenis van Kasteel Keppel gaat terug tot de 14e eeuw. Rond 1300 stond hier al een donjon. Door de eeuwen heen werd het kasteel steeds verder uitgebreid, maar oorlogen lieten ook hier hun sporen na. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog werd het kasteel in 1582 belegerd door Staatse troepen en grotendeels door brand verwoest. Tussen 1609 en 1620 werd het weer opgebouwd.
In de 17e eeuw kreeg Kasteel Keppel opnieuw te maken met bezettingen. In 1665 nam Bommen Berend, de bisschop van Münster, het kasteel in. Tijdens het rampjaar 1672 kwam zelfs de Franse koning Lodewijk XIV hier met zijn hoofdkwartier terecht. Een bijzondere gedachte als je vandaag rustig met je motor door deze omgeving rijdt.
In de 18e en 19e eeuw werd het kasteel meerdere keren verbouwd en kreeg ook het omliggende park een nieuwe inrichting. Het kasteel wordt nog steeds bewoond door nakomelingen van de oorspronkelijke bouwheer.
Helaas is het kasteel zelf maar beperkt toegankelijk. Rondleidingen zijn op aanvraag mogelijk. Gelukkig zijn delen van het landgoed wel toegankelijk voor wandelaars. Het 18e-eeuwse Sterrenbos is daarbij zeker een bezoek waard.
Ik stap weer op de motor. Op naar de volgende bestemming van deze Kastelenroute. Want juist die combinatie van mooie wegen, landgoederen en eeuwenoude geschiedenis maakt deze motorrit zo bijzonder.
Kasteel Slangenburg
De volgende stop op de Kastelenroute is Kasteel Slangenburg, midden in het gelijknamige landgoed. Het 17e-eeuwse kasteel ligt prachtig verscholen tussen de bossen, lanen en weilanden. Na de kilometers op de motor is het een mooie plek om even de benen te strekken.
Rond het kasteel liggen verschillende wandelroutes. Je loopt er door brede beukenlanen, langs vijvers, akkers en bloeiende weilanden. Ook een hertenkamp maakt deel uit van het landgoed. In het koetshuis kun je terecht voor koffie met iets lekkers.
Het kasteel zelf is opengesteld voor publiek. Tijdens een rondleiding van ongeveer een uur vertellen gidsen over de geschiedenis en de verschillende ruimtes op de begane grond. Ook is het mogelijk om in een van de bijgebouwen te overnachten. Voor kampeerders is er een camping op of vlak bij het landgoed.
Slangenburg is daarmee een mooie combinatie van motor rijden, natuur en historie. Na een korte stop is het tijd om de motor weer te starten en verder te gaan met de Kastelenroute.
Huis Bergh
De Kastelenroute brengt me vervolgens naar Huis Bergh in ’s-Heerenberg. Dit indrukwekkende kasteel was het stamslot van de graven van Bergh en heeft een geschiedenis die eeuwen teruggaat.
Huis Bergh is de grootste waterburcht van Nederland. Omringd door water en gelegen in een groene omgeving is het een bijzonder imposante verschijning. Het kasteel doet tegenwoordig dienst als museum, waar de rijke geschiedenis van het huis en de voormalige graven van Bergh te ontdekken is.
Na de eerdere kastelen op deze route is Huis Bergh opnieuw een mooie afsluiting van een stukje geschiedenis. De motor staat inmiddels alweer klaar en de route gaat verder door het prachtige Gelderse landschap.
Steeds weer blijkt dat je tijdens een motorrit niet alleen mooie wegen ontdekt, maar ook verrassend veel geschiedenis tegenkomt.
Kasteel Ruurlo
De Kastelenroute brengt me ook bij Kasteel Ruurlo, een bijzondere combinatie van historie en kunst. Het historische kasteel vormt tegenwoordig de tweede locatie van Museum MORE.
Oorspronkelijk werd Kasteel Ruurlo ingericht om de collectie van de Nederlandse realistische kunstenaar Carel Willink (1900-1983) te tonen. De statige vertrekken van het kasteel vormen daarvoor een prachtig decor. Inmiddels zijn er naast het werk van Willink ook wisselende tentoonstellingen met hedendaagse kunst te zien.
Het is een mooie combinatie: aan de ene kant de geschiedenis en uitstraling van het eeuwenoude kasteel, aan de andere kant de kunst die hier wordt tentoongesteld.
Na al die kastelen met hun oorlogen, bewoners en eeuwenoude verhalen is het leuk om tijdens deze motorroute ook eens een andere kant van het Gelderse erfgoed te ontdekken.
Mijn Waterloo
Maar helaas kreeg ik bij Kasteel Ruurlo mijn Waterloo.
Een minuscule bouwnagel had zich door mijn achterband geboord. En daarmee kwam er onverwacht een einde aan mijn Kastelenroute. Omdat mijn motor is voorzien van spaakvelgen en dus binnenbanden heeft, kon ik de band ter plaatse niet repareren.
Het parkeerterrein van Kasteel Ruurlo heb ik gelukkig nog gehaald, evenals het plaatsje Ruurlo zelf. Maar verder rijden zat er helaas niet meer in.
De motor werd uiteindelijk met de auto opgehaald. Het laatste gedeelte van mijn route naar huis heb ik daarom noodgedwongen niet op twee wielen, maar op vier wielen afgelegd.
Niet helemaal het einde dat ik voor ogen had, maar het hoort ook bij motorrijden. Soms bepaalt een klein stukje metaal in je band waar je reis eindigt. Ondanks deze domper kijk ik terug op een prachtige Kastelenroute door Gelderland, met mooie wegen, bijzondere kastelen en vooral veel geschiedenis onderweg.
En ach… er moeten tenslotte nog wat kastelen overblijven voor de volgende rit.










